Fijne Mensendagen!

‘Ik heb jullie bij elkaar geroepen, want zo kan het niet langer.
Als ik terugkijk op het afgelopen jaar, vind ik het best zorgelijk.’
Een moderne fabel

Bosuil keek, met een diepe rimpel boven zijn ogen, de andere dieren en Aurora aan. Grote en kleine Egel knikten instemmend, Haas krabde ongemakkelijk achter zijn oren, Hert en Ree keken met hun grote bruine ogen elkaar bezorgd aan, de Sneeuwuil humde chagrijnig wat en Aurora wreef peinzend over haar kin en zwaaide zachtjes met haar lantarentje. Kat keek een soort van opgelucht naar Uil.

Mus en Ekster schetterden opgewonden: ‘Toch krijgen we elke dag eten!’ De Egels ook! Dus dan valt het allemaal best mee! Het Mens loopt gewoon hoor! Als we geen eten meer zouden krijgen, dan moeten we ons pas echt zorgen maken!’ Ze hipten onrustig door elkaar heen en hadden het hoogste woord. Duif koerde: ‘Mijn nicht had hetzelfde als zij, ze las een boek, ging anders denken en hóp ze was beter! Dus…’

‘Eerlijk gezegd vind ik, dat ons Mens er goed uit ziet, áls ik haar zie. Als je echt zo ziek bent, dan zie je dat toch ook aan de buitenkant?’ Haas draaide zijn oren in spiralen en liet ze weer terugdraaien, terwijl hij sprak. ‘Ik ken iemand, nou die is écht ziek, dat zie je gelijk!’

‘Heel soms hoor ik haar praten, het lijkt wel of ze in zichzelf praat, want er praat niemand terug. Dan klinkt ze ook normaal!’ Aurora trok haar muts nog een stukje verder over haar oren. Brrr… het werd echt winter!

‘Ze is gewoon lui! Weet je hoeveel ze ligt! Belachelijk gewoon! Altijd als ik even een rondje om haar huis vlieg, ligt ze. Beneden op de bank, of toen het nog warmer was altijd buiten op bed. Vaak ’s middags nog boven in haar bed, ze is gewoon moe van het niks doen!
Sta op Mens! Doe es wat! Ga lekker sporten, kom in beweging, dan zal het zeker weten beter gaan!’ Sneeuwuil keek Kat verwijtend aan. ‘Zeg jij nou eens wat? Jij woont bij jouw Mens in huis. Jij denkt toch zeker hetzelfde?’

‘Velen van ons wonen al heel lang bij mijn Mens’, sprak Kat bedachtzaam. Bosuil en grote Egel wonen hier al een aantal jaren buiten. Vogels komen hier inmiddels ook al jaren, toch? Aurora een klein jaartje en sommigen kennen haar nog maar net.

‘Ik vind haar lief!’, riep kleine Egel. ‘Ze praat altijd tegen ons, ze heeft huizen voor ons neergezet, we kunnen zelfs kiezen! Eten en waterschalen, we kunnen altijd drinken en zelfs in bad! Ik vind het fijn bij haar!’
De Vogels keken een beetje ongemakkelijk. Wat kleine Egel zei, was absoluut waar! Mens is altijd goed en lief voor hen. Soms fluit ze in de ochtend vanuit haar schommelstoel liedjes voor hen! Ze vergeet hen nooit!

‘Toen ze hier net woonde’, sprak Ree rustig, ‘Was ze altijd op zoek naar ons. Wij leefden tenslotte op een steenworp afstand. Ze was altijd zo ontzettend blij als ze ons zag, ze ging dan rustig op de grond zitten en zei niks, maar keek alleen maar. Ze is een echte natuurliefhebber.’

‘Ja, zij was ook niet blij dat onze habitat door al die huizenbouw verdween en wij elders een nieuwe plek moesten zoeken.’ sprak Hert. ‘Toch bleef ze op zoek gaan naar ons, al gingen wij een stuk verder weg wonen. Maar uiteindelijk kwam ze helemaal niet meer, dus gingen wij op zoek naar haar! Wij maken ons ook zorgen!’

Kat sprak weer verder: ‘Mijn mens is een goed mens. Ik woon al dertien jaar bij haar en daar voor woonde Hond bijna vijftien jaar bij haar. Ik heb gehoord en gezien dat ze van een super lief en liefhebbend, actief, creatief en hard werkend Mens is veranderd naar iemand die heel graag wil, maar bijna niks meer kan.’

‘Ze heeft als juf voor de klas gestaan, toneel gespeeld, gezongen, liedjes geschreven voor musicalgroepen, haar eigen bedrijf gehad, tien jaar met een wintercircus meegereisd en dat alles deed ze met enorm veel plezier! En nu, kan ze er alleen maar op terugkijken.
Haar leven speelt zich vooral liggend af en ze ziet bijna niemand meer…’

‘Maar ze heeft toch vrienden! Die kan ze toch zien!’, riep Sneeuwuil geïrriteerd. Ze heeft notabene zelfs een dochter en familie!’ ‘Ja dat klopt’, reageerde Bosuil rustig. ‘Maar heb je ook meegekregen dat bezoek haar uitput? Dat ze daarom moest besluiten om bijna niemand meer te zien? De ziekte, die ze heeft, zorgt ervoor dat je door inspanning, ook al is het nog zo leuk, heel ziek kan worden!’

‘Ik heb zelfs gezien, dat ze haar vriend-Mens wegstuurde! Dat dóe je toch niet?’ riep Aurora verontwaardigd. ‘Is dat die Mens, die zo raar loopt en ook regelmatig een stok erbij nodig heeft?’ vroeg kleine Egel.
‘Ja!’, grinnikte Haas, volgens mij drinkt hij teveel! Hij zwalkt zelfs overdag over de stoep! Maar ja, wat wil je, als je door je vriendin-Mens weggestuurd wordt! Ik snap niet, dat die elke keer toch weer bij haar terugkomt! Wat moet je met zo’n Mens, die niks meer kan. Dumpen die handel!’ ‘Ja dumpen! Voer voor de anderen!’, riepen Ekster en Sneeuwuil tegelijk, terwijl ze elkaar een high five gaven.

‘Genoeg!’ riepen Bosuil en Kat tegelijkertijd. En dat klonk zo intens, dat iedereen gelijk stil was en opkeek. ‘Haar vriend-Mens heeft ook een ziekte, waardoor hij zo slecht loopt. Dát hij nog kan lopen is al bijzonder, hij had ook in een rolstoel kunnen zitten! Hou op met jullie schaamteloze en negatieve geklets. Daar worden onze Mensen niet beter van. Integendeel! Dit gepraat, wat jullie nu doen, zorgt ervoor, dat ze in een isolement terecht komen. En jullie weten heel goed, dat niemand alleen kan overleven!’

Beschaamd keken de kwaadsprekers elkaar aan. Oeh, wat was het toch gemakkelijk om je mee te laten slepen in kwaadsprekerij. En eigenlijk wisten ze ook wel, dat hun Mens niet voor de lol de hele dag op bed lag. Maar… het was gemakkelijker om de andere kant op te kijken en had ze echt wel álles geprobeerd om beter te worden?

‘Ja!’, sprak Kat. ‘Al vele jaren heeft ze dat gedaan. En nu kan alleen heel veel rust, heel misschien zorgen, dat ze niet verder achteruit gaat en dat ze hopelijk ietsepietsie meer energie gaat krijgen en minder vaak heel ernstige klachten heeft. Deze ernstige ziekte gaat nooit meer weg!’
Kat keek de kring rond en zag de geschrokken blikken van de anderen.

‘Maar er komen toch bijzondere Mensendagen aan?’, vroeg kleine Egel. ‘Ons Mens kan nergens heen! Hoe moet dat dan? Dan is ze helemaal alleen!’
‘Ik kan uitnodigingen rondbrengen!’, zei Sneeuwuil meteen. ‘Ik ook!’ riep Ekster.  Ze voelden zich een beetje schuldig door wat ze allemaal gezegd hadden. ‘Ik kan helpen!, riep Haas, ‘Ik ben ook snel!’ Ook hij voelde dat hij niet goed bezig was geweest.

‘Dat is een mooi idee, maar vergeet niet, dat ze bijna geen bezoek kan hebben.’, reageerde Bosuil vriendelijk. ‘Misschien kunnen Hert en Ree de Mensen op hun rug ergens naar toe brengen?’, dacht Aurora hardop. ‘Dan zijn ze er even uit. Ze houden allebei zo van natuur!’

‘En ze houden van vuur!’, riep Duif. ‘Totaal niet mijn ding, maar toen ze nog naar het huis van haar vriend-Mens ging, ben ik wel eens meegevlogen! Ze zitten dan uren naar de vlammetjes te staren, samen op een bankje!’

‘Ik heb een idee! Die vriend-Mens van haar is toch heel creatief?’, zei Grote Egel die heel lang zijn mond had gehouden en alles stilletjes had aangehoord. ‘Als we nou de dieren, de natuur én vuur eens bij háár brengen?’ Iedereen keek Grote Egel niet begrijpend aan. ‘Heb je teveel rode appels gegeten vriend, tijd voor je winterslaap misschien?’, vroeg Haas een beetje sarcastisch.

‘Doe niet zo stom Haas!’, riep Kleine Egel verontwaardigd. ‘Gebruik die grote flaporen nou eens om te luisteren!’ Haas wilde boos wat terugzeggen, maar een blik van Kat zorgde ervoor dat hij zijn mond hield. ‘Leg eens uit alsjeblieft.’, zei Bosuil tegen Grote Egel.

‘Ons Mens kijkt graag naar buiten terwijl ze ligt, toch?’ De dieren en Aurora knikten instemmend. ‘Als we die slimme vriend-Mens van haar nou eens om hulp vragen, die is zo goed met computers en AI. Hij kan vast een mooi spandoek maken van ons, van vuur en van de natuur, zodat ze lekker kan fantaseren over alles waar ze blij van wordt, als ze naar buiten kijkt!’, vervolgde Grote Egel.

‘Ow ja!! En dan moet er ook een huisje bij, met veranda en schommelstoelen, want daar houdt ze van! En de maan! En sneeuw! En bergen! …
Maar ze houdt niet van bergen! Nee, maar vriend-Mens wel! Ow ja, natuurlijk!

En een paadje door het bos, dan kan ze er in gedachten heen!’, terwijl iedereen door elkaar ging roepen met wat er allemaal op het spandoek moest komen, keken Bosuil en Kat elkaar tevreden aan.

Wat er nu gebeurde was helpend en helend. Ook al kon hun Mens nergens meer heen, zij zorgden er wel voor, dat ook zij fijne Mensendagen zou hebben.

Samen met vriend-Mens, alle dieren en Aurora, werd het spandoek ontworpen naar hun ideeën en afgedrukt. Altijd prachtig uitzicht uit bed, deze winter, voor hun lieve, zieke Mens.

Fijne Mensendagen iedereen!

Abonneren

Door je gratis te abonneren, ontvang je automatisch een e-mail als ik mijn volgende Blog heb geplaatst. Vul hieronder je e-mailadres in, dan ontvang je eerst nog een e-mail waarin jouw bevestiging wordt gevraagd voor het abonnement. Daarna ontvang je een e-mail telkens als ik een nieuwe Blog publiceer.

2 gedachten over “Fijne Mensendagen!

  1. Tranen in mijn ogen, zó mooi en pakkend geschreven Willeke.
    Bedankt voor al jouw steunende, grappige en inspirerende blogs.
    Ik wens jullie samen nog vele kleine mooie bijzondere momenten toe!

    Like

Laat een reactie achter op Willeke Bouma Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *